De laatste dagen heb ik de logistieke draad voor de conferentie weer opgepakt. De hotels en verhuurders lachen me al toe als ik aan kom fietsen. De angst voor gemiste inkomsten was achteraf niet nodig. Gelukkig voor beide partijen.

Vandaag fietste ik naar Koubri om de kamers en zaaltjes voor de miniconferentie van Broederlijk Delen te regelen. Het duurde weer ongeveer een uur eer ik de stad uit was. Een deel van de rit ging door Ouaga2000, het Dukenburg van de hoofdstad. Behalve dan dat hier de huizen veel groter en minder eenvormig zijn, en veel straten ongeasfalteerd.

Koubri ligt op ongeveer 20 km en daarna is het nog zo’n 12 naar een klooster. Hun terrein is groot en groen. Bij de boerderij van de Benedictijner monniken kocht ik kaas en jam. Ik dronk ter plekke een zakje verse melk op. Bij de zusters van dezelfde orde, een stukje verderop, kocht ik citroensap. Ik wilde ook yoghurt kopen maar zag dat die dezelfde was als in de supermarkt om de hoek.

De herberg voor de conferentie was een eind verder, ik schat zo’n 10 km. De zandweg voerde langs stuwmeertjes. De dode bomen weerspiegelen in het water. De geiten en koeien liepen langs de oever om te grazen en drinken. De herberg was een oase van rust in de bossen. Je kan allerlei activiteiten doen, van vissen en zwemmen tot quad en waterfiets rijden.

Onderweg staan auto’s met pech langs de weg, en jongens komen aanlopen met jerrycans benzine en autobanden. De auto’s hebben panne d’essence. Deze ‘benzinepech’ zegt veel over korte termijn denken en gebrek aan planning. “Shit, pech, de benzine is op”. Met als veel voorkomende variant: “Jammer, lekke band, maar een reserveband meenemen is te duur”.

Zonder benzine kan het ook. Vrouwen lopen kilometers te voet met zware bossen hout op hun hoofd. Ik passeer fietsen met zeker 10 kratten bier, zakken houtskool van 100 kg, of enkele fietsen erop. Bij gebrek aan een koelkast wordt het vlees hier levend vervoerd. Fietsen met op de bagagedrager een hele rij kippen tussen twee stokken geperst. Andere met vastgebonden geiten en schapen op het stuur of achterop.

Er zaten veel gaten in het asfalt. Dit is oppassen, want de auto’s wijken uit voor de gaten en letten niet op de fietsers. Waarschijnlijk onder het mom van: het gat gaat niet aan de kant, de fietser wel. Het doet me beseffen dat fietsen in Afrika heel leuk maar ook heel kwetsbaar is.

Het is heet, tegen de 40 graden. Ik denk dat het bergop gaat want de weg lijkt in verte bergaf te gaan. Maar plots duiken boven de top halve brommers in de lucht op die losgemaakt lijken van de onderste helft die even later op het asfalt te zien is. Meteen erna voegen ze zich samen tot een hele brommer. Het blijkt een luchtspiegeling op het hete wegdek.

Gisteren was de inauguratie van de nieuwe president Kafando. Groot applaus voor vertrekkend kolonel Zida. Binnen drie weken heeft deze militair de macht aan een burgerregering overgedragen, een zeldzaamheid. Tijdens de ceremonie viel de stroom uit en Zida heeft meteen de directeur van de elektriciteitsmaatschappij (van de clan van Blaise) ontslagen.

Maar zojuist kwam het nieuws dat Zida zich niet terugtrekt uit de politiek, integendeel: hij is eerste minister geworden. Of dit iedereen gelukkig maakt, betwijfel ik. Een gemiste kans.

Advertisements