Deze week veel voetbal gekeken (Afrika Cup) tijdens het typen, printen, vouwen en plakken voor de Broederlijk Delen conferentie. Niet het voetbal zelf was zozeer de moeite waard, als wel de fantasierijke kapsels van de spelers. Burkina doet het erg slecht. Het team wordt getraind door de Belg Paul Put. De vorige keer (2013) werd hij bij de Afrika Cup met Burkina nog tweede, na Nigeria. In België is hij geschorst vanwege een match fixing schandaal met zijn toenmalige club Lierse.

Burkina verloor – net als in de voorronden – van het kleine Gabon. En ze speelden gelijk tegen het piepkleine gastland Equatoriaal Guinee. Dit team mocht eigenlijk niet meedoen omdat ze in de voorronden gediskwalificeerd waren vanwege het opstellen van buitenlanders. Dat moet ook haast wel, want ze brengen zelf nauwelijks 11 voetballers op de been. Omdat Marokko dit jaar het thuisland zou zijn maar vanwege ebola afhaakte, organiseert  Equatoriaal Guinee het nu (en mag dus meespelen). Het team telt enkele blanken (Spanjaarden, Brazilianen) die het afgelopen jaar tot Equatoriaal Guineeër genaturaliseerd zijn (ik gok met dubbel paspoort).

De eerste deelnemers voor de conferentie zijn gearriveerd. Ik zou er gisteren 4 opwachten bij het missionair centrum, waar ze de nacht ervoor aangekomen waren. Normaal is hier niemand te zien, maar nu waren er zo’n 50 Afrikanen voor een workshop, en dat maakte het erg moeilijk om de ‘onze’ te spotten en verwelkomen. Gisteren was ook de dag dat veel vluchten vertraagd of zelfs geannuleerd bleken. Dat geeft mijn functie als logisticus meerwaarde, omdat chauffeurs en hotels aangestuurd moeten worden.

Bij de eerste aankomst deed zich al meteen spraakverwarring voor. De Haïtianen wilden – na een lange reis via Parijs – eten: diner: Geen probleem, zei ik, tijd genoeg. Maar allengs werd duidelijk dat diner bij hen middageten is (in het Frans’ Frans: avondeten). Het Franse rijtje ontbijt-middageten-avondeten is petit dejeuner-dejeuner-diner. In Haïtiaans Frans: dejeuner-diner-souper. Dat valt nog te begrijpen, dit itt het Haïtiaans Creools. Ik dacht met mijn Guinee-Bissau-Creools (Portugees als basis) wel wat te verstaan, maar nee: Het Haïtiaans heeft Frans als basis.

Het vertrek voor het veldbezoek vanochtend had veel voeten in aarde. Er moest nog ontbeten, omgekleed en andere schoenen gezocht worden, zodat het introductiepraatje in het gedrang kwam. Een van de auto’s was nog onderweg, en kon toen de vertrekplek niet vinden, maar uiteindelijk – met ruim 40 minuten vertraging – was iedereen op weg. Rust.

Advertisements