In Burundi is vorige week een staatsgreep mislukt. De zittende president Nkurunziza zou zijn maximale ambtstermijn van tweemaal 5 jaar al opgesoupeerd hebben. De bevolking en oppositiegroepen gingen de straat op om tegen een derde termijn te protesteren en er vielen doden.

Een half jaar geleden maakte ik iets vergelijkbaars mee in Burkina Faso. President Blaise Compaore wilde de grondwet veranderen om een derde termijn te krijgen (hij was in totaal al 27 jaar aan de macht). Maar voordat er gestemd kon worden, werd het parlementsgebouw geplunderd en in brand gestoken. Hetzelfde gebeurde met het radio- en tv-station. Toen de demonstranten naar het presidentieel paleis oprukten, werd geschoten, niet door militairen maar door de Nationale Garde en ingehuurde Togolese militairen. Er vielen 34 doden.

Blaise trok zich ‘vrijwillig’ terug en vluchtte naar Ivoorkust. Dat zal ongetwijfeld na onderhandelingen over het behoud van zijn eigendommen en vrijstelling van strafvervolging geweest zijn. Kolonel Zida riep zich tot interim-president uit en vormde een overgangsregering. Deze bereidt nieuwe verkiezingen eind dit jaar voor. Er was daarna nog beroering over de onkostenvergoeding van de leden van beide organen (‘we willen geen parasieten op deze belangrijke postrevolutionaire posten’) maar die vergoeding is teruggedraaid. Het toont nog steeds de macht van de straat.

We weten intussen dat het vooral twee musici zijn die de jeugd mobiliseerden: rapper Smockey en reggae-ster Sams’K le Jah. In de laatste week van oktober organiseerden zij met hun organisatie Balai Citoyen (‘burgerbezem’) de demonstraties waarop (op 28 oktober) in Ouaga waarschijnlijk meer dan een miljoen mensen afkwamen. En ze regelden ook de ‘poetsdag’ (3 november) waarop alles netjes opgeruimd en schoongeveegd werd.

Deze jongerenrevolutie, ook ruecratie (‘stratocatrie’) genoemd, is inmiddels bestendigd en alles functioneert weer. De afgebrande en geplunderde gebouwen en auto’s staan als stille getuigen onveranderd in de stad. De rellenschoppers toonden zelfdiscipline. De plunderingen beperkten zich echt tot de zichzelf verrijkende clan rond Blaise. Ik denk dat dit een normale fase is in het volwassen worden van een democratie, zie ook Tunesië en Niger. Maar de gevestigde belangen zullen niet voetstoots plaatsmaken, vrees ik, en bv het terrorismespook gaan uitspelen.

Wat betekent deze omwenteling voor andere landen in dezelfde situatie: de Congo’s, Rwanda, Burundi? Een zwartafrikaanse of subsaharaanse lente? Ik weet het niet. Niet alle legers steunen het volk tegenover hun president. Meerdere presidenten wilden hun mandaat verlengen. Sommigen slaagden (Oeganda; Gabon), anderen faalden (Nigeria, Malawi, Zambia en Niger). In dat laatste geval nam het leger de zaak over en schreef meteen verkiezingen uit.

In Togo, Gabon, Burundi, DRCongo en Congo-Brazaville werd het voorbeeld van Burkina gevolgd en werd de afgelopen maanden door jongeren gedemonstreerd tegen de ongrondwettelijke verlenging van het mandaat van hun president. In alle genoemde landen is – i.t.t. Burkina – het verzet gebroken. Maar dat zal niet zo blijven.

De genoemde plucheplakkers (en die in Oeganda, Kameroen, Rwanda, Angola, Equatoriaal Guinee, Tsjaad, Djibouti, Gambia en Zimbabwe) zullen ooit met de realiteit geconfronteerd worden, hoezeer de hen omringende profiteurs dat ook tegenhouden. Het verhaal gaat dat toen Blaise van Burkina met een helikopter boven de demonstratie van 28 oktober vloog, hij zei: ‘ik wist niet dat Ouaga zoveel inwoners had!’.

Advertisements