In ons land denken wij gelukkig te worden door naar onze navel te staren en te bewonderen hoe die steeds hoger komt te liggen. Dat er achter die navel nog een andere wereld bestaat, is onzichtbaar geworden. In die andere wereld antwoordt Ahmad uit Niger bijvoorbeeld (in het boek Honger) op de vraag wat hij zou willen eten als hij veel geld had: “Een gierstbol.” Nee, als hij écht veel geld had: “Twee gierstbollen”. Maar boven mijn eigen navel kan ik geen gewone koffie meer bestellen, ik moet kiezen tussen americano, latte, macchiato, cappuccino etc.

Het laatste IPCC-rapport concentreert zich op het voedselprobleem dat veroorzaakt wordt door de klimaatopwarming. Het blijkt dat er in onze wereld nog steeds een klein miljard mensen honger heeft, voornamelijk in Afrika, maar dat het dubbele aantal inmiddels overvoed is, vooral buiten Afrika.

Aan obesitas en de eruit voortvloeiende kwalen als diabetes en hartfalen, geven we jaarlijks 1500 miljard $ uit (waarvan alleen al in de VS voor 50-100 miljard $ aan dieetproducten). Ook ondervoeding is duur door schooluitval en verloren economische activiteit. Volgens de FAO heb je jaarlijks slechts 1 miljard $ nodig om de honger wereldwijd uit te bannen.

De door het IPCC voorspelde voedselcrisis is dus niet het verwachte tekort maar de bestaande oneerlijke verdeling. Veel ondervoeding in Afrika en nog meer overvoeding elders.

Advertisements

Eerder dit jaar waren er verkiezingen voor de Europese Unie. Inmiddels zijn de belangrijkste posten onderling verdeeld. In Afrika heb je de Afrikaanse Unie. De zetel is in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba. Alle landen van het continent zijn lid maar sommige worden er tijdelijk uitgezet (zie beneden). Er zijn bij mijn weten geen landen die zich eruit willen wurmen. Geen Kexit of Sexit dus.

De AU kwam voort uit de Organisatie van Afrikaanse Eenheid. Op haar beurt ontsprong die uit de pan-Afrikaanse gedachte die in een aantal landen tijdens de onafhankelijkheidsstrijd gepropageerd werd. In de koloniale tijd werden de Afrikanen die de Europese beschaving overnamen ‘assimilados’ (in Portugees Guinee) of ‘évolués’ (in Belgisch Congo) genoemd. Niet alleen het land maar ook de geest moest dus gedekoloniseerd worden. Belangrijke protagonisten van deze gedachte waren Kwame Nkrumah (Ghana), Léopold Senghor (Senegal), Jomo Kenyatta (Kenia), Patrice Lumumba (Congo-Kinshasa) en Amílcar Cabral (Kaapverdië en Guinee-Bissau).

Het hoogste orgaan van de AU is de vergadering van staatshoofden. De huidige voorzitter is de Egyptische president El Sisi. Er is een parlement maar dat heeft slechts raadgevende macht. De parlementsleden worden niet door de bevolking maar door de machthebbers gekozen.

De AU heeft een eigen interventiemacht die nu bijvoorbeeld in Darfur (Soedan) de vrede bewaart. Het hoofdbeleid van de AU is echter om zich niet te bemoeien met ‘interne zaken’ in de lidstaten. Zo konden veel door fraude aan de macht gekomen presidenten op de steun van de AU rekenen, recentelijk nog Tshisekedi in de DRC.

Ik denk dat de AU ondanks dit alles een stabiliserende factor in Afrika is. Potentiele misverstanden en conflicten worden gedimd omdat de machthebbers op gezette tijden bij elkaar zitten. Als ze het te bont maken, bijvoorbeeld bij een staatsgreep, worden landen tijdelijk geschorst (Madagaskar, Mali, Burkina Faso, Guinee-Bissau, en recentelijk de dreigende schorsing van Soedan).

Ik ben voor de AU en EU maar nog meer voor de WU (Wereld Unie). Waarin alle landen bij elkaar zitten, naar elkaar luisteren en proberen elkaar te begrijpen. En waarin rijke landen zoals het onze (denk aan ons handelsoverschot en roofzuchtige verleden) de arme landen ondersteunen in hun ontwikkeling. Ouderwetse ontwikkelingshulp, zeg maar. Naïef, ik weet het.

In Nijmegen loop ik over de vernieuwde Waalkade. Het is heerlijk warm en de terrassen zitten vol. Aan de ene kant glijden de vrachtschepen over de rivier en aan de andere kant ligt oud Nijmegen te glanzen in de zon.

Enige jaren geleden jogde ik op het strand van Monrovia, de hoofdstad van Liberia. Ik moest voortdurend goed uitkijken om de uitwerpselen te ontwijken. Na de burgeroorlog is de bevolking van Monrovia snel gegroeid, in ieder geval veel sneller dan het aantal toiletten. Groot en klein, man en vrouw hurken op het strand om te poepen. Geen chique strandboulevard met terrasjes.

De laatste jaren bracht ik in Kinshasa door, de miljoenenstad aan de brede Congorivier. Maar die zie je nergens. De stad ligt er met de rug naartoe. De vele vervallen scheepswerven en handelshuizen zijn omringd met muren met glasscherven erop. Geen levendige Congokade.

Daarvóór woonde ik in Bissau, een veel kleinere hoofdstad maar wel aan zee. Als je over de kade uitkeek zag je gezonken boten, geraamten van hijskranen, en de met planten overwoekerde ruïnes van gebouwen van de marine. Geen pier of casino.

Wij Europeanen kijken graag uit over de zee en dromen dan wellicht over de mogelijkheden aan de andere kant. Afrikanen keren de zee de rug toe, wellicht omdat ze zich nog steeds bewust zijn dat van die kant het gevaar komt.

 

De bevolking van Afrika is gemiddeld de armste ter wereld. In Sub-Sahara Afrika is het BNP per hoofd 1500 $. Ter vergelijking: in de EU is dat 41.000 $.

Paradoxalerwijs heeft Afrika de rijkste staatshoofden. Het bezit van de recent vervangen president van de Democratische Republiek Congo, Joseph Kabila, wordt geschat op 15 miljard dollar. Zijn Angolese buurman, de eveneens recentelijk vervangen Dos Santos, was nóg meer waard: 20 miljard. De vicepresident (tevens zoon van de president) Teodorín Obiang van Equatoriaal-Guinee bezit 2 superjachten (waarvan er een van 120 miljoen dollar in Nederland aan de ketting ligt wegens corruptie), 14 sportauto’s, privévliegtuigen, appartementen in Europa, en de met kristallen beklede handschoen die Michael Jackson droeg op zijn Bad-tournee. Daarentegen is de rijkste (ex-)premier in de EU David Cameron met een geschat bezit van 7 miljoen dollar. Het salaris van Macron van Frankrijk bijvoorbeeld is 200.000 $.

web_1404eco_obiangglove

Rijke presidenten zijn geen ramp in een rijk land als Brunei of Saoedi-Arabië. Maar DRC, Angola en Equatoriaal-Guinee zijn niet rijk. De bevolking moet rondkomen van enkele dollars per dag en heeft geen toegang tot schoon water of ziekenhuizen. Het geld van hun president is uit de staatskas gestolen en wordt niet langer aan ambtenarensalarissen of aan onderwijs en gezondheidszorg besteed. De bevolking verarmt.

Een ander nadeel van rijke presidenten is dat ze plucheplakkers zijn. Verkiezingen worden keer op keer uitgesteld en ambtstermijnen eindeloos opgerekt. Dat moet ook wel want de opvolger (zoals in Angola is gebeurd) zou wel eens een onderzoek kunnen instellen naar de legitimiteit van de vergaarde rijkdommen. Kabila wist dit te voorkomen door uiteindelijk zelf zijn opvolger (verliezend oppositiekandidaat Tshisekedi) aan te wijzen. Vader Obiang is inmiddels de langst zittende president van Afrika (40 jaar!).

Daarnaast is zo’n rijke dinosauriër een voorbeeld voor de bevolking dat je rijk kunt worden zonder ervoor te hoeven werken. Geen goed voorbeeld voor jonge honden in de arme Afrikaanse landen.

 

Selorm Branttie heeft gelijk: hoogbejaarde regeringsleiders in Afrika kunnen niet meegaan met de tijd en vormen aldus een blokkade voor de economische ontwikkeling van hun land. Zie http://afrika-nieuws.nl/internettijdperk-vraagt-om-jonge-leiders-in-afrika/ .

Maar het probleem ligt niet alleen bij ICT, internet en sociale media. Afrika is het continent met de jongste bevolking (mediane leeftijd 19 jaar, vgl. Europa met 42 jaar). En met een bevolkingsgroei van meer dan 2% jaarlijks zal Afrika’s jeugd flink blijven toenemen.

Paradoxalerwijs heeft het continent de oudste staatshoofden. Als we de recent afgezette presidenten van Algerije, Zimbabwe en Soedan niet meerekenen: Biya (Kameroen, 85), Mnangagwa (Zimbabwe, 76), Buhari (Nigeria, 76), Obiang (Equatoriaal Guinee, 76) en Museveni (Oeganda, 74).

Deze hoogbejaarden regeren nauwelijks nog zelf. Besluiten worden door een hechte kring van politieke ondernemers om hen heen genomen, en dat steevast in hun eigen belang. Jongeren, ook goed opgeleide, krijgen geen kans om zich tussen deze gevestigde politiek-economische dinosauriërs te wurmen. De kloof tussen deze elite en het volk groeit. De economische ontwikkeling van het land stagneert.

Eenzelfde paradox zien we bij de welvaart in Afrika. De rijkste presidenten ter wereld regeren over  de armste bevolking. Daarover volgende keer meer.

 

De vorige keer kwam ik voor het continent Afrika op 56 landen. Ik telde Somalië drie keer: Somalië, Somaliland en Puntland. Maar aan de andere kant van de Sahara ligt een groot gebied dat ook onafhankelijkheid claimt: de Westelijke Sahara, ofwel de Arabische Democratische Republiek Sahara, voorheen Rio de Oro ofwel de Spaanse Sahara.

Het ongerepte woestijngebied was tot 1975 een Spaanse kolonie. Daarna maakte Marokko aanspraken op het gebied. Het Internationaal Gerechtshof in Den Haag keurde dat af en beschouwde het gebied als onafhankelijk. De onafhankelijkheidsbeweging Polisario wilde gaan regeren maar nog in datzelfde jaar 1975 organiseerde koning Hassan II een Groene Mars van honderdduizenden Marokkanen naar de zuidgrens. Ze bezetten een groot deel van het gebied en Mauritanië bezette het resterende zuidelijk deel. Met steun van Algerije begon Polisario een guerrillaoorlog. Mauritanië trok zich al snel terug en in 1991 werd een staakt-het-vuren met Marokko ondertekend.

In de jaren erna kwamen een VN-missie, diverse vredesplannen en bemiddelaars, maar de huidige stand van zaken is onveranderd. Marokko heeft de westelijke Sahara geannexeerd. Onder haar druk is het aantal landen dat het gebied als onafhankelijke staat erkent, gedaald van 81 tot 43. Het land is wel lid van de Afrikaanse Unie. Dit brengt het aantal Afrikaanse landen op 57.

Afrika telt 54 landen, of 55 … of toch 56? Dat ligt eraan of je Somalië als één land rekent, of als drie. Vóór de onafhankelijkheid in 1960 bestond dit gebied nog uit drie landen: een Franse, Britse en Italiaanse kolonie. De Franse werd Djibouti, de andere twee gingen samen in Somalië. Tijdens de Koude Oorlog wilde Somalië ook nog de Ogadenwoestijn bezetten, maar Russische steun voor Ethiopië verhinderde dat.

Somalië wordt sindsdien geassocieerd met militaire dictaturen, krijgsheren, islamitisch terrorisme, piraterij en hongersnoden. Héél Somalië? Nee. Een deel, het voormalige Britse, splitste zich in 1991 af en verklaarde zich onafhankelijk. Het is tot vandaag de dag door geen enkel ander land erkend maar het gaat wel zijn eigen weg. Het heeft een democratisch gekozen regering, een meerpartijenstelsel, en is rustig.

In de punt tussen Somalië en Somaliland ligt Puntland. Het is niet naar de punt genoemd maar naar een streek die in oude Egyptische reisverslagen genoemd wordt. Het scheidde zich in 1998 af van Somalië maar wordt door geen enkel land erkend. Puntland heeft een democratisch gekozen regering maar blijft een zwakke staat. Het overgrote deel van de inkomsten komt uit piraterij en mensensmokkel.

Dat maakt dus 56 landen. Maar misschien heeft Afrika wel 57 landen. In 2002 maakte Zuidwest-Somalië zich los omdat het tegen de Unie van Islamitische Rechtbanken vocht. Na de burgeroorlog in 2006 sloot het zich weer bij Somalië aan.

Afrika wordt vaak over één kam geschoren (het ‘land’ Afrika), iets wat je bij Europa of Azië nooit ziet. Somalië toont aan dat zelfs binnen landen een grote complexiteit bestaat. Wordt vervolgd.